In het eerste deel van dit drieluik schreef ik over de psychiaters die vinden dat Trump lijdt aan een psychische stoornis en las je over de klinische criteria van een narcistische persoonlijkheidsstoornis. In deel twee kon je over het ontstaan van narcisme lezen en is onderscheid gemaakt tussen grandioos narcisme en kwetsbaar narcisme. Nu richten we onze blik op managers en politici, en eindigen we uiteindelijk waarmee deze serie begon: Donald Trump en diagnostiek. 

Positieve kanten narcisme

In tegenstelling tot de eerdere negatieve kanten van een persoonlijkheidsstoornis, kunnen narcistische trekken soms positief zijn. Als we kijken naar de eigenschappen van managers van bedrijven dan zien we dat persoonlijkheid, en in dit geval een narcistische persoonlijkheid, een belangrijke rol speelt in het kiezen en uitvoeren van beleid. De manager met een narcistische persoonlijkheid zal handelen vanuit ultiem zelfvertrouwen en heeft een sterke behoefte aan applaus en waardering, waardoor hij of zij meer bereid is om risico te nemen. Dit zien we met name in een dynamische omgeving waarin soms radicaal nieuwe strategische keuzes gemaakt moeten worden, want in industrieën waar veranderingen elkaar snel opvolgen moet een manager in staat zijn om met onzekerheid om te gaan. Een meer narcistische leider kan hier over het algemeen beter mee omgaan en heeft mogelijk zelfs een voorkeur voor een meer onzekere en dynamische omgeving. Het grote zelfvertrouwen van een narcistische manager biedt bovendien de mogelijkheid om sneller gedurfde besluiten te nemen. Zij zullen dit doen wanneer ze verwachten dat anderen aandacht hebben voor de acties van de manager, waarbij ze met name uit zijn op bewondering van anderen op de korte termijn, en niet zozeer waarde hechten aan applaus op de lange termijn. Dit kan leiden tot perioden vol plotselinge en verstorende veranderingen, een zogenaamde “change the world”-periode. In dit soort perioden zijn de uitkomsten extreem. Narcistische leiders leveren mogelijk baanbrekende resultaten, maar ze kunnen ook catastrofale rampen teweegbrengen.

LEES OOK:
DSM-V-NL zorgt voor minder ‘gekke’ Nederlanders.

Narcisme in de politiek

Eenzelfde beeld zien we ook in de politiek. Onder politici bevinden zich mannen en vrouwen die ook de wereld willen veranderen, maar het verschil met het bedrijfsleven zit hem in de tijdspanne waarbinnen iemand de wereld kan veranderen. Veranderingen in de politiek komen tenslotte trager door dan in het bedrijfsleven, een aantal uitzonderingen daargelaten. Mogelijk is Trump zelf de brug tussen een manager met narcisme en een politicus met narcisme, en mogelijk heeft hij een narcistische persoonlijkheidsstoornis. Het is heel makkelijk om de criteria van narcisme erbij te pakken en die een voor een af te vinken terwijl je naar een speech van Trump kijkt, of zijn met marmer en goud bekleden interieur in Trump Tower ziet. Tegelijkertijd gaan we dan voorbij aan een essentieel aspect als het gaat om het classificeren van een psychische stoornis: de persoon moet lijden of disfunctioneren. Het is maar de vraag of de president van de Verenigde Staten van Amerika goed kan functioneren als hij last heeft van een onbehandelde persoonlijkheidsstoornis. In de lastigste baan ter wereld houdt hij zich goed staande, en ongeacht wat je vindt van zijn politieke besluiten lijkt het erop dat hij niet lijdt of disfunctioneert op belangrijke levensgebieden. In ieder geval weten we het niet en kunnen we hoogstens gissen naar de waarheid, en dat is een erg wankele basis voor diagnostiek.

LEES OOK:
Ikke, ikke, ikke en de rest kan stikke!

Narcisme en diagnostiek

Dat is voor professionals misschien wel het belangrijkste argument om zich op de vlakte te houden als het gaat om een mogelijke psychische stoornis van Donald Trump. De vraag of hij een stoornis heeft doet er helemaal niet toe, en hem betitelen als een narcistische man is niet anders dan het in een hokje stoppen van gedrag dat we afkeuren. Het heeft weinig met diagnostiek te maken, en lijkt vooral uit onvrede voort te komen. In een hypothetisch diagnostisch traject kan men boeken over Trump lezen, video’s van hem bekijken, en krantenartikelen over hem lezen, en daarmee een classificatie opstellen. Dat is echter hetzelfde als het spreken van alleen vrienden of familie van een patiënt, en op basis van die informatie een uitspraak doen over een diagnose en classificatie. Dat is geen diagnostiek, het is grabbelen naar een verklaring, en het is iets waar psychiaters en psychologen ver bij vandaan moeten blijven. Daar waar de media ongebreideld uitspraken kunnen en mogen doen over de geestelijke gesteldheid van politiek leiders, hebben psychiaters en psychologen die vrijheid helaas niet. Helaas, want tegelijkertijd is de verleiding groot om opgedane kennis van zaken en ervaring tentoon te spreiden voor een publiek, ook al gaat men daarmee over een ethische grens. Of vertonen psychiaters en psychologen hierdoor zelf bepaalde narcistische trekken?

Geschreven door Bart van der Meer

Bart heeft de studie Clinical Psychology aan Universiteit Leiden gedaan. Hij liep praktijkstage bij PsyQ Centrum voor Persoonlijkheidsstoornissen in Den Haag. Bart werkt nu als psycholoog met volwassenen die een autismespectrumstoornis hebben. Psyblog.nl biedt de mogelijkheid om twee passies te combineren: Psychologie en schrijven.

2 comments

  1. Met grote interesse heb ik uw drieluik over narcisme gelezen. Dit spreekt mij persoonlijk erg aan, omdat ik mezelf bevind in een situatie waarin ik moet inschatten hoe ik het gebruik “narcisme” toepas in de omgang met mijn voormalige partner en tevens vader van onze dochter.
    Mijn ex (ik gebruik dit woord met tegenzin omdat ik er een negatieve lading in vind zitten, maar maakt het wel duidelijk) zijn karaktertrekken komen duidelijk terug in de kenmerken die beschreven worden voor narcisme. Dat dit ‘ahaaa’ moment nog niet lang geleden ontdekt is, is mij ook duidelijk door de subtiliteit van zijn narcistische trekken in het verleden. Maar deze worden nu wel duidelijker en opvallender door het prachtige medium Facebook.
    Ik ben van mijzelf bewust dat ik een manier van verwerken zoek voor de jaren waarin ik “afgewezen” werd op de punten waarvoor ik erkenning, mededogen en verantwoordelijkheid bij hem zocht. Ik weet nu waarom het er bij hem niet inzit dat mij te bieden en door mij hierin te verdiepen kan ik het beter loslaten.
    En waarom ik dit naar u schrijf is dat ik het zo eens ben dat men voorzichtig moet omgaan met het hokje narcisme of de stoornis daarvan. Het is kennis (of het denken daarvan) dat gebruikt kan worden als machtig wapen. En het is niet onze taak om iemand daarmee van zijn zelf gecreëerde voetstuk te halen. Het blijven ook gekrenkte zielen. Maar duidelijkheid scheppen in de grenzen die je stelt voor jezelf en in mijn geval ook mijn dochter.
    En ik vind ook dat de media makkelijk in het openbaar met vingertjes wijst van wie wel of niet een narcist is. Want narcisten hebben ook de gave iets op te zetten waar de normale mens te bang voor is. Het probleem ligt ‘m daarin dat het houden van iets wat je gecreëerd hebt sneller onderuit gaat doordat de narcist het allemaal wel zelf kan. Wat ook in onze relatie gebeurde.

    Bedankt voor de nieuwe inzichten die u met uw artikel aan mij gegeven heeft.

    Met vriendelijke groet,
    Anoniem

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *