Je kijkt naar het woord stoel. Je weet precies wat een stoel is. Je gebruikt het woord waarschijnlijk al je hele leven. Maar ineens gebeurt er iets vreemds: je kijkt er nog een keer naar en denkt… stoel? Waarom ziet dat woord er opeens zo raar uit?

Je weet dat het klopt. Je weet wat het betekent. En toch voelt het even alsof je het woord nog nooit eerder hebt gezien.

Dit vreemde verschijnsel bestaat echt en heeft een naam: jamais vu. Letterlijk betekent het Frans ‘nooit gezien’. Het wordt vaak omschreven als het tegenovergestelde van déjà vu: bij déjà vu voelt iets nieuws vertrouwd, terwijl bij jamais vu iets bekends plotseling vreemd en onbekend aanvoelt.

Als je een woord te vaak bekijkt

Een van de merkwaardigste dingen aan jamais vu is dat het soms heel gemakkelijk kan ontstaan. Je hoeft er niet voor in een onbekende stad rond te lopen of een mysterieuze ervaring te hebben. Soms is een simpel woord genoeg.

Onderzoekers hebben dit zelfs in een laboratorium onderzocht. In een experiment moesten deelnemers woorden herhaaldelijk opschrijven, bijvoorbeeld totdat het woord er voor hen vreemd begon uit te zien. Ongeveer twee derde van de deelnemers rapporteerde tijdens een deel van de proeven zo’n merkwaardige ervaring. Gemiddeld ontstond het gevoel na ongeveer dertig herhalingen, of ongeveer één minuut.

Het interessante is dat het woord zelf natuurlijk helemaal niet veranderd was. De letters stonden nog steeds in dezelfde volgorde en de betekenis was nog steeds bekend. Wat veranderde, was de ervaring van herkenning.

Dat is precies wat jamais vu zo fascinerend maakt. We denken vaak dat waarnemen simpelweg betekent dat onze hersenen registreren wat er voor ons staat. Maar herkenning blijkt veel ingewikkelder te zijn. Ons brein moet voortdurend bepalen: ken ik dit al, of is dit nieuw? En soms lijkt die inschatting even de verkeerde kant op te vallen.

Je brein kan weten dat iets bekend is, terwijl het niet zo voelt

Bijzonder aan jamais vu is dat mensen meestal niet werkelijk vergeten wat ze zien. Je kunt bijvoorbeeld naar het woord huis kijken en nog steeds weten wat een huis is. Je weet ook dat je het woord al honderden of duizenden keren hebt gezien. Alleen voelt het plotseling niet meer vertrouwd.

Dat verschil tussen weten en voelen is belangrijk. Herkenning is namelijk niet alleen een rationeel oordeel. Er zit ook een soort onmiddellijk gevoel aan vast: dit ken ik. Dat gevoel kan zo vanzelfsprekend zijn dat we nauwelijks beseffen dat het bestaat.

Bij jamais vu lijkt juist dat gevoel van vertrouwdheid tijdelijk weg te vallen. Het resultaat is een merkwaardige botsing tussen twee systemen: je verstand zegt natuurlijk ken ik dit, terwijl je ervaring zegt maar waarom ziet dit er zo vreemd uit?

Daarmee laat jamais vu iets zien wat psychologen al langer fascineert: ons bewustzijn bestaat uit veel processen die normaal gesproken zo soepel samenwerken dat we ze helemaal niet opmerken.

Waarom gebeurt dit?

Een belangrijke verklaring heeft te maken met semantische verzadiging. Wanneer je een woord steeds opnieuw bekijkt of uitspreekt, kan de betekenis ervan tijdelijk minder toegankelijk of minder vertrouwd gaan voelen. Het woord verandert niet, maar de herhaalde blootstelling kan ervoor zorgen dat het tijdelijk losraakt van de betekenis die er normaal automatisch aan gekoppeld is.

Je kunt het zelf proberen. Kies een eenvoudig woord, bijvoorbeeld raam. Zeg het een paar keer achter elkaar hardop.

Raam. Raam. Raam. Raam. Raam.

In het begin klinkt het volkomen normaal. Maar als je lang genoeg doorgaat, kan het woord opeens vreemd gaan klinken. Alsof het helemaal geen echt woord meer is.

Dat is niet precies hetzelfde als iedere vorm van jamais vu, maar het laat wel zien hoe kwetsbaar onze vanzelfsprekende ervaring van betekenis en vertrouwdheid kan zijn.

Het vreemde is misschien wel belangrijker dan het bekende

Onderzoek naar jamais vu kan ons ook iets leren over zijn beroemde tegenhanger: déjà vu.

Bij déjà vu ervaar je juist een sterke indruk van vertrouwdheid zonder dat je kunt aanwijzen waar die vertrouwdheid vandaan komt. Bij jamais vu gebeurt ongeveer het omgekeerde: de informatie is bekend, maar het gevoel van vertrouwdheid ontbreekt.

Onderzoekers denken daarom dat beide ervaringen iets kunnen onthullen over de manier waarop ons brein herkenning en geheugen monitort. Een recente laboratoriumstudie uit 2026 onderzocht verschillende spontane metacognitieve ervaringen, waaronder déjà vu, jamais vu, ‘tip-of-the-tongue’-ervaringen en momenten van wegdromen. De onderzoekers vonden dat zulke ervaringen spontaan konden optreden tijdens een relatief eenvoudige taak met weinig cognitieve belasting.

Dat is interessant, omdat het suggereert dat ons bewustzijn voortdurend allerlei kleine signalen over onze eigen gedachten en herinneringen verwerkt. Meestal merken we daar niets van. Af en toe wordt zo’n signaal echter opvallend genoeg om een heel vreemde ervaring te veroorzaken.

En nee, je wordt niet ineens gek

Een eenmalig moment waarop een woord, gezicht of bekende omgeving plotseling vreemd aanvoelt, is op zichzelf niet iets om van te schrikken. Dergelijke ervaringen kunnen ook bij gezonde mensen voorkomen. Onderzoek naar déjà vu laat bijvoorbeeld zien dat het een veelvoorkomende menselijke ervaring is.

Juist daarom is jamais vu zo’n mooi voorbeeld van hoe bijzonder het gewone eigenlijk is. We staan er normaal gesproken niet bij stil dat een woord als stoel voor ons brein niet alleen een verzameling letters is. Het is gekoppeld aan betekenis, herinneringen, ervaringen en een onmiddellijk gevoel van vertrouwdheid.

Totdat dat gevoel heel even verdwijnt.

En dan kijk je naar stoel en denk je ineens:

Wat een ontzettend raar woord is dat eigenlijk.

Misschien is dat wel het meest fascinerende aan jamais vu: de wereld hoeft helemaal niet te veranderen om vreemd te worden. Soms is een kleine verandering in hoe je brein de wereld verwerkt al genoeg.

Bronnen

Moulin, C. J. A., Bell, N., Turunen, M., Baharin, A., & O’Connor, A. R. (2020). The the the the the induction of jamais vu in the laboratory: Word alienation and semantic satiation. Memory, 28(5), 636–646. https://doi.org/10.1080/09658211.2020.1751030

Zareen, G., Souchay, C., Barzykowski, K., & Moulin, C. J. A. (2026). Spontaneous metacognitive experiences and involuntary memories in the laboratory. Consciousness and Cognition, 137, 103976. https://doi.org/10.1016/j.concog.2025.103976

Hadzic, A., & Andersson, S. (2024). Non-ictal, interictal and ictal déjà vu: A systematic review and meta-analysis. Frontiers in Neurology, 15, 1406889. https://doi.org/10.3389/fneur.2024.1406889

Geschreven door Hester Bastiaanse

Hester werkt als communicatieadviseur én is opnieuw de collegebanken van de universiteit ingestapt. Want ze is na zo'n acht jaar een tweede studie begonnen, jawel... (Klinische) Psychologie! Ze vindt gedrag van mensen het meest interessante dat er is. Van haantjesgedrag in de corporate wereld tot prestaties in de topsport: psychologie is overal te zien, als je goed kijkt. En er zit héél veel onderzoek en wetenschap achter. Super boeiend vindt ze dat!

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *