Een haar uit je wenkbrauw trekken. Nog eentje. En nog één. Voor de meeste mensen is het een onschuldige gewoonte. Maar voor iemand met trichotillomanie kan het uittrekken van haar een sterke, moeilijk te weerstane drang worden.

Soms gebeurt het bewust, bijvoorbeeld tijdens spanning of verveling. Soms gebeurt het bijna automatisch: tijdens het televisiekijken, studeren of scrollen op de bank. Pas daarna merkt iemand dat er opnieuw haren zijn uitgetrokken.

Dat maakt trichotillomanie moeilijk te begrijpen. Want als iemand weet dat het haarverlies veroorzaakt, waarom stopt diegene dan niet gewoon?

Een drang die moeilijk te weerstaan is

Trichotillomanie, ook wel hair-pulling disorder genoemd, is een aandoening waarbij iemand herhaaldelijk haren uittrekt. Dat kan leiden tot zichtbaar haarverlies en bijvoorbeeld kale plekken op de hoofdhuid, wenkbrauwen of wimpers (American Psychiatric Association, 2022).

In de DSM-5-TR valt trichotillomanie onder de obsessieve-compulsieve en verwante stoornissen. Dat betekent overigens niet dat trichotillomanie hetzelfde is als een obsessieve-compulsieve stoornis (OCD). Bij OCD staan obsessies en dwanggedachten vaak centraal, terwijl bij trichotillomanie het herhaaldelijke haar uittrekken zelf het belangrijkste symptoom is (American Psychiatric Association, 2022).

Het gedrag kan bovendien op verschillende manieren ontstaan. Sommige mensen ervaren voorafgaand aan het trekken een toenemende spanning of drang. Anderen trekken zonder dat ze het eigenlijk bewust van plan waren.

“Ik voel me als een verslaafde”

Een recente kwalitatieve studie onderzocht hoe mensen met trichotillomanie hun aandoening zelf ervaren. De onderzoekers spraken met mensen die dagelijks met het haar uittrekken te maken hadden.

Een van de deelnemers beschreef hoe moeilijk het kan zijn om het gedrag los te laten:

“Ik voel me als een verslaafde die geniet, maar er niet van los kan komen. Ik trek mijn haar uit vanwege het plezier en de ontspanning die het me geeft.”
— Participant 10, Banafshi en Khatony (2025), [vertaling uit het Engels]

Die uitspraak laat een belangrijk onderdeel van trichotillomanie zien. Het haar uittrekken is niet altijd alleen maar vervelend. Het kan op het moment zelf juist een gevoel van ontspanning, opluchting of voldoening geven.

En precies daarin kan een vicieuze cirkel ontstaan.

Spanning of verveling → drang → haar uittrekken → opluchting → grotere kans dat het gedrag opnieuw wordt uitgevoerd. Het probleem is dat de opluchting maar tijdelijk is.

Eerst opluchting, daarna schuldgevoel

Dezelfde studie laat zien dat het prettige gevoel en de negatieve gevolgen naast elkaar kunnen bestaan. Een deelnemer beschreef het heel eenvoudig:

“Als ik mijn haar uittrek, voelt het goed en brengt het me rust. Maar daarna voel ik me schuldig en heb ik er enorm veel spijt van.”
— Participant 12, Banafshi en Khatony (2025), [vertaling uit het Engels]

Die tegenstelling is kenmerkend voor veel compulsieve gedragingen. Het gedrag kan op korte termijn iets opleveren – bijvoorbeeld rust of vermindering van spanning – terwijl het op langere termijn juist problemen veroorzaakt.

Bij trichotillomanie kan dat haarverlies zijn, maar ook schaamte, frustratie en het gevoel de controle kwijt te zijn.

Soms gebeurt het bijna automatisch

Niet iedereen is zich tijdens het trekken volledig bewust van wat er gebeurt. Sommige mensen merken bijvoorbeeld dat hun hand steeds naar hun haar gaat wanneer ze televisie kijken. Anderen zoeken met hun vingers naar een haar dat anders aanvoelt dan de rest. Het trekken kan vervolgens bijna vanzelf gaan.

In het onderzoek van Banafshi en Khatony (2025) beschreven deelnemers dat ze soms pas achteraf beseften hoe lang ze bezig waren geweest. Dat maakt “gewoon stoppen” een stuk ingewikkelder.

Wanneer een gedrag gedeeltelijk automatisch is geworden, moet iemand niet alleen de drang leren herkennen, maar ook de situaties waarin het gedrag steeds opnieuw optreedt.

De gevolgen zijn zichtbaar

Een van de moeilijke aspecten van trichotillomanie is dat de gevolgen soms letterlijk zichtbaar worden. Kale plekken kunnen bijvoorbeeld ontstaan op de hoofdhuid of in de wenkbrauwen. Sommige mensen proberen die plekken te verbergen met make-up, een andere haarstijl, een pet of andere hulpmiddelen.

Daardoor kan een aandoening die zich grotendeels afspeelt in iemands eigen hoofd uiteindelijk ook invloed krijgen op het sociale leven. Iemand kan zich onzeker voelen bij de kapper. Bang zijn dat collega’s het zien. Of liever niet gefotografeerd worden. Dat kan de schaamte verder vergroten.

Waarom begint iemand hiermee?

Er bestaat niet één oorzaak van trichotillomanie.

Waarschijnlijk spelen verschillende factoren samen. Genetische kwetsbaarheid, hersenprocessen die betrokken zijn bij gewoontevorming en impulscontrole en omgevingsfactoren kunnen allemaal een rol spelen.

Ook stress wordt regelmatig genoemd als factor die het haar uittrekken kan versterken. In het kwalitatieve onderzoek van Banafshi en Khatony (2025) beschreven deelnemers verschillende stressvolle gebeurtenissen en periodes waarin hun klachten erger werden.

Dat betekent niet dat iedereen met trichotillomanie een traumatische gebeurtenis heeft meegemaakt of dat stress de enige oorzaak is. Het gaat waarschijnlijk om een ingewikkeld samenspel van factoren.

Het is geen kwestie van wilskracht

Van buitenaf kan trichotillomanie eruitzien als een merkwaardige gewoonte.

“Waarom blijf je het doen als je weet dat je er kale plekken van krijgt?”

Maar die vraag gaat voorbij aan het belangrijkste onderdeel van de aandoening: de drang kan bijzonder sterk zijn en het gedrag kan zichzelf versterken.

Een andere deelnemer uit het onderzoek vergeleek het proberen te stoppen met vastzitten in drijfzand:

“Het is alsof ik vastzit in drijfzand. Hoe hard ik ook probeer, ik kom er niet uit.”
— Participant, Banafshi en Khatony (2025), [vertaling uit het Engels]

Dat is misschien een betere manier om trichotillomanie te begrijpen dan het simpelweg een “slechte gewoonte” noemen.

Wat kan helpen?

Een van de behandelingen die het meest wordt onderzocht is habit reversal training (HRT). Hierbij leert iemand onder andere herkennen wanneer de drang ontstaat en welke situaties het gedrag uitlokken. Vervolgens wordt geoefend met alternatief gedrag. Het kan bijvoorbeeld gaan om het bewust bezig houden van de handen op momenten waarop de drang normaal gesproken ontstaat.

Een systematische review en meta-analyse concludeerde dat gedragstherapeutische behandelingen, waaronder interventies gebaseerd op habit reversal training, effectief kunnen zijn bij het verminderen van symptomen van trichotillomanie (Farhat et al., 2020). Medicatie wordt soms eveneens toegepast, maar het bewijs daarvoor is minder eenduidig.

Meer dan een haar uittrekken

Misschien is dat uiteindelijk de belangrijkste boodschap. Trichotillomanie gaat niet over één haar. Het gaat over de drang, de opluchting, de controle die soms ontbreekt en de gevolgen die daarna kunnen ontstaan. Over de hand die bijna automatisch naar het haar gaat. Over schaamte voor kale plekken. En over het steeds opnieuw proberen om ermee te stoppen.

Wie trichotillomanie beter begrijpt, ziet daarom iets anders dan iemand die “niet van zijn haar af kan blijven”. Je ziet iemand die gevangen kan raken in een gedrag dat op korte termijn rust geeft, maar op lange termijn juist steeds meer problemen kan veroorzaken.

 

Bronnen:

American Psychiatric Association. (2022). Diagnostic and statistical manual of mental disorders (5th ed., text rev.; DSM-5-TR). American Psychiatric Association Publishing.

Banafshi, O., & Khatony, A. (2025). Exploring the lived experiences of individuals with trichotillomania: A descriptive phenomenological study. BMC Psychology, 13, 1040. https://doi.org/10.1186/s40359-025-03427-z

Farhat, L. C., Olfson, E., Nasir, M., Levine, J. L., & Bloch, M. H. (2020). Pharmacological and behavioral treatment for trichotillomania: An updated systematic review with meta-analysis. Depression and Anxiety, 37(8), 715–727. https://doi.org/10.1002/da.23028

 

Dit artikel is mede tot stand gekomen met hulp van AI. 

Geschreven door Redactie PsyBlog

Heb jij een interessant en passend onderwerp waar je over wil schrijven, stuur ons dan een mailtje!

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *