“De meeste mensen in jouw buurt gebruiken minder energie dan jij.” Zo’n zin lijkt op het eerste gezicht misschien niet bijzonder. Toch kan informatie over wat andere mensen doen invloed hebben op onze eigen keuzes. We kijken nu eenmaal naar anderen om te bepalen wat normaal is, wat haalbaar is en soms ook wat we zelf zouden moeten doen. Maar werkt dat principe ook echt als je mensen bewust informatie geeft over het gedrag van anderen? Een groot onderzoek uit 2025 zocht het antwoord op die vraag.
Onderzoekers brachten daarvoor 79 gerandomiseerde gecontroleerde onderzoeken bij elkaar, met in totaal maar liefst 1.356.521 deelnemers. Het ging om onderzoeken uit verschillende domeinen, waaronder gezondheid, duurzaamheid en andere vormen van gedragsverandering. De centrale vraag was steeds vergelijkbaar: verandert het gedrag van mensen wanneer zij informatie krijgen waarmee hun eigen gedrag wordt vergeleken met dat van anderen? De uitkomst was interessant, maar minder spectaculair dan je misschien zou verwachten: sociale vergelijking kan gedrag inderdaad beïnvloeden, maar het gemiddelde effect is klein (Hoppen et al., 2025).
Waarom kijken we naar anderen?
Mensen vergelijken zichzelf voortdurend met andere mensen. Soms gebeurt dat bewust. Je vraagt je bijvoorbeeld af hoeveel andere mensen sporten, hoe goed collega’s presteren of hoeveel geld vrienden sparen. Maar sociale vergelijking kan ook veel subtieler verlopen. Wanneer je hoort dat de meeste mensen in jouw buurt minder energie gebruiken dan jij, krijg je bijvoorbeeld informatie over wat kennelijk gebruikelijk is. Dat kan ervoor zorgen dat je je eigen gedrag opnieuw gaat beoordelen.
Dat mechanisme is interessant voor gedragswetenschappers. Als mensen inderdaad geneigd zijn hun gedrag aan te passen aan wat zij bij anderen zien, zou sociale vergelijking kunnen worden gebruikt om mensen te stimuleren gezonder, duurzamer of veiliger gedrag te vertonen. Denk bijvoorbeeld aan een energieleverancier die klanten laat zien hoe hun energieverbruik zich verhoudt tot dat van vergelijkbare huishoudens. Of aan een gezondheidsapp die laat zien hoeveel mensen dagelijks bewegen. De vraag is alleen: werkt het ook daadwerkelijk?
79 onderzoeken onder de loep
Om daarachter te komen, voerden de onderzoekers een systematische review en meta-analyse uit. Ze zochten in verschillende grote wetenschappelijke databanken naar onderzoeken waarin sociale vergelijking daadwerkelijk als interventie werd gebruikt. Uiteindelijk bleven 74 publicaties over waarin 79 afzonderlijke gerandomiseerde gecontroleerde onderzoeken waren beschreven. Samen vertegenwoordigden die onderzoeken meer dan 1,3 miljoen deelnemers (Hoppen et al., 2025).
Een groot voordeel van zo’n meta-analyse is dat onderzoekers niet afhankelijk zijn van één opvallend experiment. Afzonderlijke studies kunnen toevallig een positief resultaat vinden, bijvoorbeeld omdat de steekproef klein is of omdat de omstandigheden nét gunstig uitpakken. Door veel onderzoeken samen te voegen, kunnen onderzoekers beter bekijken of er een patroon zichtbaar blijft. In dit geval was dat inderdaad zo.
Werkt sociale vergelijking?
Het korte antwoord is: ja. De onderzoekers vonden dat sociale vergelijking gemiddeld leidde tot een kleine maar statistisch significante verandering in gedrag. Wanneer de interventies werden vergeleken met passieve controlegroepen, bedroeg de effectgrootte g = 0,17. Bij vergelijking met actieve controlegroepen was het effect g = 0,23 (Hoppen et al., 2025).
Die cijfers klinken misschien indrukwekkender dan ze zijn. Een effectgrootte van deze omvang betekent niet dat mensen massaal hun gedrag omgooien zodra ze horen wat anderen doen. Het gemiddelde effect was juist relatief klein. Wel is het interessant dat er, ondanks de grote verschillen tussen de 79 onderzoeken, een algemeen effect zichtbaar bleef. Sociale vergelijking lijkt dus daadwerkelijk iets met gedrag te kunnen doen, maar het is zeker geen wondermiddel.
Een interessante ontdekking: positief gedrag werkt beter
Een van de opvallendste bevindingen uit de meta-analyse had te maken met de manier waarop de sociale vergelijking werd aangeboden. De onderzoekers vonden aanwijzingen dat sociale vergelijking beter werkt wanneer mensen informatie krijgen over gewenst gedrag dan wanneer de nadruk ligt op ongewenst gedrag.
Stel dat je mensen wilt stimuleren om meer te bewegen. Dan zou je bijvoorbeeld kunnen vertellen dat veel mensen in hun omgeving dagelijks voldoende bewegen. Een andere aanpak is om juist te benadrukken dat veel mensen te weinig bewegen. Volgens de resultaten van deze meta-analyse lijkt de eerste benadering meer kans te hebben om gedrag in de gewenste richting te beïnvloeden (Hoppen et al., 2025).
Dat is interessant voor bijvoorbeeld gezondheidscampagnes. Een boodschap als “de meeste mensen doen dit al” kan blijkbaar effectiever zijn dan mensen vooral vertellen wat ze verkeerd doen. Sociale normen kunnen daarmee niet alleen informatie geven over wat gebruikelijk is, maar ook subtiel aangeven welk gedrag wenselijk of haalbaar lijkt.
Het effect hield soms langer aan
De onderzoekers keken niet alleen naar het gedrag direct na de interventie. In een kleiner aantal onderzoeken werd ook gekeken of het effect op langere termijn bleef bestaan. Gemiddeld werd het gedrag ongeveer 6,2 maanden later opnieuw gemeten.
Ook op dat moment was er nog een klein effect zichtbaar ten opzichte van passieve controlegroepen. De effectgrootte bedroeg g = 0,10. Dat is kleiner dan het kortetermijneffect, maar het suggereert wel dat het effect niet noodzakelijk volledig verdwijnt zodra de eerste boodschap is geweest (Hoppen et al., 2025).
Daarbij moet wel een belangrijke kanttekening worden gemaakt. Voor de langetermijnanalyse waren veel minder onderzoeken beschikbaar dan voor de analyse van effecten op korte termijn. We kunnen daarom minder zeker zijn over wat er maanden later precies gebeurt. Het onderzoek laat vooral zien dat er aanwijzingen zijn voor een klein blijvend effect, niet dat sociale vergelijking maandenlang bij iedereen hetzelfde gedrag blijft veroorzaken.
En wat betekent dit voor sociale media?
Bij sociale vergelijking denken veel mensen waarschijnlijk meteen aan Instagram, TikTok of andere sociale media. Daar zien we immers voortdurend wat andere mensen doen, eten, kopen, bereiken en beleven. We kunnen onszelf daardoor bijna ongemerkt vergelijken met honderden of duizenden anderen.
Toch moeten we voorzichtig zijn met het rechtstreeks toepassen van deze resultaten op sociale media. De onderzoeken uit de meta-analyse onderzochten sociale vergelijking als een bewuste techniek om gedrag te veranderen. Dat is iets anders dan urenlang door sociale media scrollen en jezelf vergelijken met anderen. Bovendien kan sociale vergelijking verschillende kanten op werken. Je kunt gemotiveerd raken doordat iemand anders laat zien wat mogelijk is, maar je kunt jezelf ook juist minderwaardig voelen wanneer je voortdurend het idee krijgt dat anderen het beter doen.
De onderzoekers benadrukken daarom dat de effecten afhankelijk zijn van de manier waarop sociale vergelijking wordt ingezet. Het gaat niet simpelweg om de hoeveelheid vergelijking, maar ook om de inhoud, de context en het soort gedrag dat ermee wordt vergeleken (Hoppen et al., 2025).
Is dit betrouwbaar onderzoek?
Dit is een van de redenen waarom deze studie zo interessant is voor de rubriek Onderzoek uitgelicht. Methodologisch staat het onderzoek behoorlijk sterk. De onderzoekers combineerden 79 gerandomiseerde gecontroleerde onderzoeken en werkten volgens een vooraf vastgelegde systematische methode. Bovendien was de totale onderzoekspopulatie enorm groot, met meer dan 1,3 miljoen deelnemers.
Dat betekent echter niet dat alle onzekerheid verdwenen is. De onderzoekers vonden ook beperkingen in de onderliggende studies. Bij een groot deel waren er bijvoorbeeld enige zorgen over mogelijke bias in het randomisatieproces. Daarnaast verschilden de resultaten van de afzonderlijke onderzoeken behoorlijk van elkaar. De zekerheid van het bewijs werd daarom, afhankelijk van de analyse, als laag tot matig beoordeeld (Hoppen et al., 2025).
Dat is juist een belangrijk onderdeel van goed wetenschappelijk onderzoek. De auteurs presenteren hun resultaat niet als een simpele waarheid dat “sociale vergelijking werkt”. Hun conclusie is genuanceerder: er is bewijs voor een klein effect, maar meer hoogwaardig onderzoek is nodig om beter te begrijpen wanneer sociale vergelijking werkt, voor wie het werkt en welke vorm het meest effectief is.
Waarom doen we wat anderen doen?
Misschien is dat uiteindelijk de interessantste vraag die uit dit onderzoek naar voren komt. Mensen zijn sociale wezens en gebruiken anderen voortdurend als referentiepunt. We kijken naar de mensen om ons heen om te bepalen wat normaal is, wat haalbaar is en soms ook wat van ons wordt verwacht.
Als je hoort dat veel mensen in jouw omgeving hun energieverbruik hebben verminderd, kan dat je aanzetten om ook eens naar je eigen verbruik te kijken. Als je merkt dat vrienden regelmatig sporten, kan sporten voor jou vanzelfsprekender gaan voelen. En wanneer je ziet dat een bepaald gedrag steeds normaler wordt, kan de drempel om het zelf te proberen kleiner worden.
Deze grote meta-analyse laat zien dat daar inderdaad iets van klopt. Sociale vergelijking kan ons gedrag beïnvloeden, maar het effect is gemiddeld bescheiden. We worden dus niet plotseling een ander mens omdat we horen wat onze buren, collega’s of vrienden doen. Toch kan zo’n vergelijking net genoeg zijn om ons even stil te laten staan bij ons eigen gedrag.
Misschien is dat uiteindelijk de belangrijkste boodschap van dit onderzoek: de mensen om ons heen vormen voortdurend een soort spiegel. En soms verandert wat we in die spiegel zien iets aan de keuzes die we maken.
Bronnen
Hoppen, T. H., Cuno, R. M., Nelson, J., Lemmel, F., Schlechter, P., & Morina, N. (2025). Meta-analysis of randomized controlled trials examining social comparison as a behaviour change technique across the behavioural sciences. Nature Human Behaviour, 9, 1595–1612. https://doi.org/10.1038/s41562-025-02209-2
