Kunnen twee mensen samen gek worden? In de film Bug gebeurt iets verontrustends. Agnes ontmoet Peter, een mysterieuze man die ervan overtuigd raakt dat er kleine insecten onder zijn huid leven. In eerste instantie lijkt Agnes vooral mee te gaan in zijn verhaal. Maar langzaam verandert er iets. Ze begint zelf verbanden te zien en raakt steeds meer overtuigd van zijn ideeën. Wat begint als Peters werkelijkheid, wordt uiteindelijk ook háár werkelijkheid. Het is precies het soort verhaal waarvan je na afloop denkt: dit kan toch niet echt?
Toch bestaat er in de psychiatrie een zeldzaam verschijnsel dat hier opvallend dicht bij in de buurt komt: folie à deux. Letterlijk betekent dat ‘waanzin met z’n tweeën’. De term wordt gebruikt voor een gedeelde psychotische stoornis: een situatie waarin twee of soms meerdere mensen die nauw met elkaar verbonden zijn dezelfde waanideeën ontwikkelen. Vaak is er één persoon bij wie de psychotische overtuiging oorspronkelijk aanwezig is en die de ander daarin meesleept. In sommige gevallen kunnen de overtuigingen echter ook vrijwel gelijktijdig ontstaan (Al Saif & Al Khalili, 2026; Shimizu et al., 2007).
Hoe kan een overtuiging overspringen?
Een waanidee is meer dan een vreemde gedachte of een sterk vermoeden. Het gaat om een overtuiging die niet overeenkomt met de werkelijkheid en die hardnekkig kan blijven bestaan, ook wanneer er tegenbewijs wordt gegeven. Bij folie à deux kan zo’n overtuiging binnen een zeer hechte relatie worden overgenomen. Stel dat één persoon ervan overtuigd raakt dat de buren hem bespioneren. Zijn partner hoort iedere avond hetzelfde verhaal. Eerst vindt die het misschien vreemd, maar na verloop van tijd kunnen allerlei alledaagse gebeurtenissen een nieuwe betekenis krijgen. Een auto die meerdere keren door de straat rijdt, iemand die toevallig naar het huis kijkt of een onbekend telefoontje kan ineens worden geïnterpreteerd als bewijs dat er daadwerkelijk iets aan de hand is. Wanneer twee mensen elkaar vervolgens voortdurend bevestigen, kan de overtuiging steeds sterker worden.
Onderzoek naar folie à deux laat zien dat de aandoening vaak voorkomt bij mensen met een zeer hechte relatie en dat sociale isolatie regelmatig een rol speelt. In een casus uit 2022 bijvoorbeeld deelden een moeder en dochter gedurende jaren een overtuiging dat ze werden vervolgd, terwijl ze vrijwel volledig van de buitenwereld waren geïsoleerd. Na scheiding en behandeling verbeterden de klachten gedeeltelijk of volledig (Schopfer & Eshmawey, 2022).
Bug: fictie die ongemakkelijk dicht bij de werkelijkheid komt
De film Bug uit 2006 is geen medische demonstratie van folie à deux en de personages kunnen niet één op één worden gebruikt als voorbeeld van de stoornis. De film is veel extremer en gebruikt psychose als onderdeel van een psychologische horrorvertelling. Toch is het onderliggende idee opvallend relevant. Peter heeft een overtuiging en Agnes komt steeds verder in zijn werkelijkheid terecht. Naarmate ze meer met elkaar praten, wordt het moeilijker om onderscheid te maken tussen wat één van hen denkt en wat ze samen ‘weten’.
Juist dat maakt folie à deux zo fascinerend. Onze werkelijkheid is namelijk voor een groot deel sociaal. We controleren voortdurend bij anderen of onze interpretatie klopt. We vragen iemand of die ook iets heeft gehoord, gezien of vreemd gevonden. Meestal werkt dat beschermend: andere mensen kunnen ons corrigeren wanneer we iets verkeerd interpreteren. Maar wat gebeurt er wanneer degene met wie je bijna alles bespreekt dezelfde overtuiging heeft als jij? Dan kan de persoon die normaal gesproken jouw werkelijkheid controleert, juist degene worden die haar bevestigt.
Vooral bij zeer hechte relaties
Folie à deux wordt vooral beschreven bij mensen die een zeer nauwe relatie hebben, bijvoorbeeld partners, familieleden of mensen die langdurig samenleven. Sociale isolatie lijkt daarbij een belangrijke rol te spelen. Wanneer twee mensen nauwelijks contact hebben met anderen, zijn er minder externe perspectieven die hun overtuigingen kunnen tegenspreken. De buitenwereld kan zeggen dat iets niet klopt, terwijl binnen de relatie juist het gevoel ontstaat dat anderen hen simpelweg niet begrijpen. Daardoor kan een overtuiging zichzelf steeds verder versterken (Bhutani & Huremovic, 2021).
Dat betekent overigens niet dat iemand zomaar een psychose kan ‘overnemen’ door lang genoeg met een psychotisch persoon samen te wonen. Folie à deux is zeldzaam en onderzoekers benadrukken dat de aandoening waarschijnlijk ontstaat door een combinatie van verschillende factoren. De aard van de relatie, sociale isolatie, psychologische kwetsbaarheid en de manier waarop de twee personen met elkaar omgaan kunnen allemaal een rol spelen. Een systematische review van de beschikbare literatuur concludeerde bovendien dat folie à deux een zeer heterogeen verschijnsel is en dat de bestaande diagnostische categorieën de werkelijkheid waarschijnlijk niet volledig vangen (De Rossi et al., 2020).
Wie is er eigenlijk ziek?
Dat is een van de interessantste vragen bij folie à deux. In klassieke beschrijvingen is er vaak een dominante persoon die de psychotische overtuiging heeft en een tweede persoon die deze overtuiging overneemt. Dat wordt ook wel de ‘inducer’ en de ‘induced’ genoemd. Maar de werkelijkheid is ingewikkelder. Soms hebben beide personen psychische problemen en in andere gevallen kunnen meerdere familieleden betrokken raken.
Er bestaat zelfs een term voor een gedeelde psychose binnen een gezin: folie à famille. In een casus uit 2022 werden bijvoorbeeld twee broers en hun moeder opgenomen nadat zij dezelfde psychotische overtuigingen bleken te delen (Ivanovic Kovacevic et al., 2022). Ook zijn er gevallen beschreven waarin een moeder en dochter jarenlang gezamenlijk achtervolgingswanen ontwikkelden (Schopfer & Eshmawey, 2022).
Het verschijnsel kan zich dus uitbreiden van twee mensen naar een groter sociaal systeem. Dat maakt de vraag waar een individuele overtuiging eindigt en een gezamenlijke werkelijkheid begint bijzonder interessant.
Kun je iemand er dan gewoon van overtuigen dat het niet waar is?
Was het maar zo simpel. Wanneer iemand echt overtuigd is van een waanidee, werkt een rationele discussie meestal niet. Als iemand bijvoorbeeld denkt dat de buren hem bespioneren, zal het argument dat daar geen bewijs voor is niet noodzakelijk tot het verdwijnen van de overtuiging leiden. Sterker nog, tegenbewijs kan onderdeel worden van het bestaande verhaal. Als anderen zeggen dat er niets aan de hand is, kan dat bijvoorbeeld worden geïnterpreteerd als bewijs dat zij bij het vermeende complot horen.
Dat maakt behandeling ingewikkeld. Bij folie à deux moet niet alleen worden gekeken naar de psychotische symptomen van de afzonderlijke personen, maar ook naar de relatie tussen hen en de omstandigheden waarin de gedeelde overtuigingen in stand blijven. In sommige beschreven gevallen speelt het daarom een belangrijke rol om de betrokken personen tijdelijk van elkaar te scheiden. Hierdoor kan duidelijk worden welke overtuigingen bij wie aanwezig zijn en ontstaat er ruimte voor individuele behandeling (Bhutani & Huremovic, 2021; Schopfer & Eshmawey, 2022).
Waarom dit ons allemaal iets laat zien
Folie à deux is zeldzaam, maar het psychologische mechanisme erachter is eigenlijk helemaal niet zo vreemd. We worden voortdurend beïnvloed door mensen die belangrijk voor ons zijn. Als iemand die je vertrouwt zegt dat een restaurant geweldig is, kijk je er waarschijnlijk anders naar. Als verschillende mensen vertellen dat een bepaalde collega onbetrouwbaar is, kan dat jouw beeld van die persoon beïnvloeden. En als iemand van wie je houdt zegt dat er gevaar dreigt, neem je dat waarschijnlijk serieuzer dan wanneer een onbekende hetzelfde zou zeggen.
Onze overtuigingen ontstaan dus niet alleen in ons eigen hoofd. Ze ontstaan ook tussen mensen. In normale omstandigheden kan sociale beïnvloeding juist heel nuttig zijn: anderen geven ons informatie, corrigeren onze fouten en helpen ons bepalen wat waarschijnlijk wel en niet klopt. Bij folie à deux lijkt dat normale sociale proces echter volledig uit de hand te lopen. De ander is dan niet langer iemand die jouw werkelijkheid controleert, maar wordt juist degene die jouw werkelijkheid bevestigt.
Misschien is dat uiteindelijk nog wel het meest fascinerende aan folie à deux. Het verschijnsel laat zien dat onze overtuigingen veel minder individueel zijn dan we soms denken. Zelfs ons beeld van de werkelijkheid wordt voortdurend gevormd door de mensen om ons heen. Bij de meeste mensen zorgt die sociale omgeving ervoor dat we met beide voeten op de grond blijven staan. Maar wanneer twee mensen volledig in dezelfde overtuiging gevangen raken, kan precies diezelfde verbondenheid ervoor zorgen dat de grens tussen wat iemand denkt en wat er werkelijk gebeurt steeds moeilijker te zien is.
Referenties
Al Saif, F., & Al Khalili, Y. (2026). Shared psychotic disorder. In StatPearls. StatPearls Publishing.
Bhutani, S., & Huremovic, D. (2021). Folie à deux: Shared psychotic disorder in a medical unit. Case Reports in Psychiatry, 2021, 5520101.
De Rossi, P., et al. (2020). ‘Come share my world’ of ‘madness’: A systematic review of clinical, diagnostic and therapeutic aspects of folie à deux. International Review of Psychiatry, 32(4), 349–364.
Ivanovic Kovacevic, S., Sobot, V., Vejnovic, A. M., & Knezevic, V. (2022). Shared psychotic disorder – a case study of folie à famille. European Review for Medical and Pharmacological Sciences, 26(15), 5362–5366.
Schopfer, Q., & Eshmawey, M. (2022). Shared psychotic disorder in old age: Syndrome of folie à deux. Case Reports in Psychiatry, 2022, 8811140.
Shimizu, M., Kubota, Y., Toichi, M., & Baba, H. (2007). Folie à deux and shared psychotic disorder. Current Psychiatry Reports, 9(3), 200–205.
