Neem het volgende rijtje:

[ ] [ ] [ ] [ ] [ ]

Iedereen (ja toch?) zal de bovenste reeks interpreteren als opgebouwd uit [ ] en niet uit ] [ 

Die laatste lezing ligt juist wel voor de hand in het onderstaande voorbeeld:

] [   ] [   ] [   ] [   ] [

Gestaltpsychologen noemen het eerste voorbeeld de ‘wet van geslotenheid‘ en het tweede de ‘wet van nabijheid‘.

In het voorbeeld hieronder wordt de interpretatie wat moeilijker. We kunnen hier kiezen. Geen van beide ‘wetten’ is overheersend genoeg. Het is alleen niet mogelijk om beide mogelijkheden tegelijk te zien.

] [ ] [ ] [ ] [ ] [

Dankzij bovenstaande groeperingsprincipes kunnen we ogenschijnlijk onsamenhangende verzamelingen van tekens zoals hieronder op een zinvolle manier ‘lezen’.

: – )  

; – )  

: – (   

: – /

: – 0

Het visuele brein is, net als een kinderhand, snel gevuld. We halen veel meer uit de gegeven informatie dan er in zit. Door dit vermogen zien we ook figuren in wolken, de toekomst in koffiedrab en spookachtige verschijningen op slecht verlichte en enge plekken. Noem het een rijke fantasie. Volgens mij duidt het eerder op de enorme flexibiliteit van onze waarneming (zie ook het artikel: “Eendensnavelhondenkop“).

Toch gaan er achter die flexibiliteit wetten schuil. Twee heb ik er al genoemd. Een derde is de ‘wet van gezamenlijke beweging‘. Simpel voorgesteld ziet dit er als volgt uit:

LEES OOK:
Kleur-illusie

Niemand (ja toch?) ziet de zwarte driehoekjes naar beneden vallen. Ook ziet niemand (heb ik gelijk of gelijk?) de witte driehoekjes stijgen. Er is nóg een interpretatie mogelijk: de driehoekjes gaan schuin, maar ook dat komt niet overeen met hoe we de afbeelding ervaren. We gaan gewoon uit van de eenvoudigste (en dus meest voor de hand liggende) interpretatie.

Pregnantieprincipe

Ook hier bestaat een wet voor: Gesetz der Prägnanz, oftewel het pregnantieprincipe. Deze komt op het volgende neer: de interpretatie die het meest voor de hand ligt beschouwen we als de juiste.

Als we afbeelding a zien, dan gaan we er in het algemeen vanuit dat de situatie zoals die in b is weergegeven het meest voor de hand ligt. Het is mogelijk dat er inderdaad sprake is van een cirkel met een kwart eraf die gestapeld is op het vierkant (c). Groot is die kans niet, maar toch. Het is bovendien ook nog mogelijk dat de cirkel helemaal geen cirkel is, maar een figuur als in d, die achter het vierkantje ligt. Toch is er niets wat tot beide interpretaties aanleiding geeft, vandaar dat we vanuit het pregnantieprincipe kiezen voor b.

Tenzij natuurlijk uit de situatie het tegendeel blijkt…

Zoals bij de Belgische surrealistische schilder René Magritte (1898 – 1967):

LEES OOK:
Ebbinghaus illusie

La condition humaine (1935)
Olieverf op doek (100 x 81 cm)
Simon Spierer Collection, Genève, Zwitserland

Geschreven door Willem Visser

Willem heeft een carrière als beeldend kunstenaar achter de rug met exposities in binnen- en buitenland. Later heeft hij een bachelor psychologie gehaald. Momenteel is hij werkzaam als projectondersteuner bij een non-profitorganisatie en is hij freelance werkzaam als tekstschrijver ( https://beeldendetaal.wordpress.com/). Zijn interesse ligt vooral bij de waarnemingspsychologie.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *